Start
Omhoog

Prepositions

Veel voorkomende voorzetsels

before I want to see him before he goes. voor(dat) before geeft tijd aan
in front of She waited in front of the house. voor in front of geeft plaats aan
behind Please close the door behind you. achter
after We are leaving after dinner. na after geeft tijd of volgorde aan
They came in one after the other. (achter)na
beside Come and sit beside me. naast
next to She was sitting next to her boyfriend. naast
at Is she still at school? op
Look at the blackboard. naar
He arrived at ten. om
Will you be here at Easter? met at kan zowel plaats als tijd aangeven
in The plates are in the cupboard. in in kan zowel plaats als tijd aangeven
He'll be back in a week. over
by The book was written by J.K. Rowling. door
She came by car / by boat / by plane. met / per
Be home by midnight at the latest. tegen
from I can see him from here. vanuit, vanaf
This train leaves from platform 5.
off She took her apron off. af
Please switch off the light. uit
The burglar fell off the roof. van ... af
towards They drove towards the mountains. naar, in de richting van
The policeman walked towards us.
out of The man looked out of the window. uit
She walked out of the house.
through This window is dirty. I can't see through it. door(heen)
They drove through the village.
between She stood between her two children. tussen between gebruik je als iets zich tussen twee andere dingen bevindt.
Nothing happened between 5 and 6 o'clock.
among You are among friends. tussen, onder among gebruik je als iets zich tussen meer dan twee andere dingen bevindt.
till, until We waited till (until) it was dark. tot(dat)
except Do all the exercises except number 5. uitgezonderd, behalve except wordt gebruikt om iets uit te sluiten
besides Besides this there are other problems. behalve, naast besides wordt gebruikt om iets ergens bij te betrekken.

 

 

Lastige voorzetsels

Soms gebruik je in het Engels andere voorzetsels dan je zou verwachten. Dat maakt het gebruik van voorzetsels in het Engels zo lastig. De uitdrukkingen met voorzetsels in dit onderdeel moet je uit je hoofd leren.

op op school at school
op het werk at work
op het kantoor at the office
op dat ogenblik at that moment
op het eerste zicht at first sight
op het laatste moment at the last minute
op verzoek van at the request of
op straat in the street
op het platteland in the country
op deze manier in this way
hopen op to hope for
wachten op to wait for
op een vroege ochtend early one morning
bij bij mijn aankomst on my arrival
bij mijn vertrek on my departure
bij mijn weten to my knowledge
bij nader inzien on second thought
aankomen bij to arrive at
bij mijn oom at my uncle's
bij ons thuis at home
bij een glas bier over a glass of beer
bij wijze van spreken in a manner of speaking
bij afwezigheid van in the absence of
naar naar mijn mening in my opinion
kijken naar to look at
luisteren naar to listen to
ruiken/smaken naar to smell/taste of
vertrekken naar to leave for
naar het buitenland gaan to go abroad
met met vakantie on holiday
met Pasen at Easter
met andere woorden in other words
met 30 mph at 30 mph
met het risico at the risk of
verloofd met engaged to
getrouwd met married to
met de post by post
tegen vriendelijk tegen kind to
tegen 6 uur by 6 o'clock
praten tegen to talk to
aan aan de overkant across the street
denken aan to think of
herinneren aan to remind of
het is aan jou it is up to you
om om 6 uur at 6 o'clock
beroemd om famous for
vragen om to ask for
lachen om to laugh at
om de andere dag every other day
om de twee weken every two weeks
voor zorgen voor to look after
to take care of
belangstelling voor interest in
bang voor afraid of
voor zaken on business
een voor een one by one
typisch voor typical of

Opm.: Veel vaste uitdrukkingen met voorzetsels zijn eenvoudig terug te vinden in het woordenboek. Vaak hoef je niet meer te doen dan (de vertaling van) het werkwoord, zelfstandig naamwoord of bijvoeglijk naamwoord in de uitdrukking (bijvoorbeeld 'typisch' of typical voor de vertaling van 'typisch voor') opzoeken in een Nederlands-Engels of Engels woordenboek. Kijk goed naar de informatie die achter het woord staat. Meestal is de uitdrukking die je zoekt, compleet met het juiste voorzetsel, daar eenvoudig te vinden.

 

Phrasal verbs (werkwoorden met vaste voorzetsels)

Een phrasal verb is een werkwoord met een vast voorzetsel. Door dit voorzetsel krijgt het werkwoord meestal een andere betekenis.

Bijvoorbeeld:
to look = kijken
to look for = zoeken naar

to come = komen
to come about = gebeuren

to do away with Let’s do away with this rubbish. wegdoen, van de hand doen
to do in The police still don’t know who did her in. vermoorden
to come by These books are hard to come by. krijgen
to come round Six hours after the operation the patient came round. bijkomen
to come off It was a good try, but it didn’t come off. succes hebben
to fall through Unfortunately our scheme fell through. mislukken
to look down on You have no reason at all to look down on my family. minachten, neerkijken op
to put off We’d better put the party off. uitstellen

Opm.: Veel phrasal verbs zijn eenvoudig terug te vinden in het woordenboek. Ze staan vaak onder hetzelfde
item als het werkwoord.